๐๐ฌ ๐ด๐ค๐ฉ๐ณ๐ฆ๐ฆ๐ง ๐ฆ๐ฆ๐ฏ ๐ฃ๐ฐ๐ฆ๐ฌ. ๐๐ฏ ๐ฉ๐ฆ๐ต ๐ช๐ด ๐ฌ๐ญ๐ข๐ข๐ณ. ๐๐ข๐ข๐ณ ๐ฉ๐ฆ๐ต ๐ฃ๐ญ๐ช๐ซ๐ง๐ต ๐ฆ๐ฆ๐ฏ ๐ฃ๐ฐ๐ฆ๐ฌ ๐ท๐ฐ๐ฐ๐ณ ๐ฎ๐ช๐ซ๐ป๐ฆ๐ญ๐ง ๐ฐ๐ฎ๐ฅ๐ข๐ต ๐ฉ๐ฆ๐ต ๐ตรฉ ๐ฑ๐ฆ๐ณ๐ด๐ฐ๐ฐ๐ฏ๐ญ๐ช๐ซ๐ฌ ๐ช๐ด. ๐๐ฐ๐ค๐ฉ ๐ท๐ช๐ฏ๐ฅ ๐ช๐ฌ ๐ฉ๐ฆ๐ต ๐ญ๐ฆ๐ถ๐ฌ ๐ฐ๐ฎ ๐ฆ๐ณ ๐ฌ๐ญ๐ฆ๐ช๐ฏ๐ฆ ๐ด๐ต๐ถ๐ฌ๐ซ๐ฆ๐ด ๐ถ๐ช๐ต ๐ต๐ฆ ๐ฅ๐ฆ๐ญ๐ฆ๐ฏ. ๐ก๐ฐ๐ข๐ญ๐ด ๐ฅ๐ฆ๐ป๐ฆ ๐ฉ๐ฆ๐ณ๐ช๐ฏ๐ฏ๐ฆ๐ณ๐ช๐ฏ๐จ ๐ท๐ข๐ฏ ๐ต๐ฐ๐ฆ๐ฏ ๐ช๐ฌ ๐ฆ๐ฆ๐ฏ ๐ซ๐ข๐ข๐ณ ๐ฐ๐ง ๐ท๐ช๐ซ๐ง ๐ธ๐ข๐ด.
๐๐ธ ๐ด๐ฎ ๐ฏ๐ถ๐ท ๐ฑ๐ฒ ๐ฏ๐๐ฟ๐ฒ๐ป ๐๐ผ๐ป๐ฒ๐ป
We verhuizen naar een flat vlakbij de zandbak. Ons huis is op de eerste etage naast de houten trap die toegang geeft tot de galerij. Je kunt het altijd bij ons binnen horen als er iemand op de trap loopt. Vanuit de keuken kijk je op de galerij.
Voor de flat is een grasveld en dan de straat. Aan de overkant weer een flat die er anders uitziet dan die van ons. Daarin woont mijn juf. Rechts van ons woont een dame helemaal alleen en aan de andere kant wonen onze buren met drie kinderen die ouder zijn dan ik. Mijn moeder kan het goed met hen vinden.
Op een dag ben ik kennelijk heel erg stout geweest want mijn moeder zegt dat ze mij niet meer wil hebben. Ze stuurt me naar buiten met de boodschap: โGa jij maar bij de buren wonen.โ
Zo gezegd zo gedaan. Ik kijk nog een keer naar onze voordeur, maar die blijft gesloten. Mijn moeder zie ik nergens meer, ook niet door het keukenraam.
Okรฉ, dan ga ik maar. Ik hoop maar dat de buren thuis zijn. Een beetje onzeker loop ik over de galerij, langs mijn slaapkamerraam naar het huis naast ons. Mijn spullen moeten we een andere keer maar ophalen.
Naast de voordeur van de buren staat een grijze vuilnisbak met het huisnummer erop. De buurvrouw, een gezellige vrouw met een bril en bruine krullen is in de keuken en ziet mij aankomen. Ze zwaait.
Ik maak haar duidelijk dat ze naar de deur moet komen. Als ze open doet vertel ik mijn verhaal en ik sluit af met de vraag: โMag ik bij jullie wonen?โ
De deur gaat nu helemaal open en de buurvrouw kijkt langs mijย heen op de galerij. โIs je moeder er niet?โ vraagt ze. โJawel, die is thuis maar ze is boos en ze heeft gezegd dat ik bij jullie moet gaan wonen.โ
โAha, kom maar binnen dan, we gaan net eten.โ
Binnen ruikt het naar uien en spek. Aan de tafel zitten de buurman, de twee buurjongens en het buurmeisje. De buurvrouw zegt: โIngrid komt bij ons wonen.โ Er wordt een stoel bijgezet en ik ben blij dat het zo makkelijk gaat.
We eten heerlijk en het is erg gezellig aan de grote tafel. De buren kletsen honderduit met elkaar en ze stellen mij vragen over school. En of ik nog een beetje hutspot wil. Ikke wel! En tegen het toetje, yoghurt met een beetje ranja zeg ik ook geen โnee.โ
Na een tijdje gaat de bel. Mijn moeder komt me weer halen. Ze heeft zeker spijt. Teleurgesteld ga ik met haar mee. Ik had best graag bij de buren willen wonen. Maar dat is daarna nooit meer een optie geweest.
Hahah wat een leuk stukje over je vroegere ik!
Dankjewel Judith!