Ik schreef het al: Ik kreeg longontsteking en moest elke dag twee injecties halen bij de Guardia Medica. Een soort 24-uurs huisartsenpost. Verhaal gemist? Lees het hier.
Omdat de printer in het ziekenhuis niet wil meewerken, mag Dré een foto van het computerscherm maken en daarmee zal de apotheek wel leveren. Zes injecties van 2 mg antibiotica.
De apotheek heeft alleen maar 1 mg. Dus krijgen we er twaalf.
We rijden meteen door naar de dokterspost. Ik vertel het verhaal. De dokter, een aantrekkelijke Italiaan, schrijft mijn gegevens in een schrift, mengt het poeder met de vloeistof, vult de injecties en klaar. Binnen de kortste keren sta ik, met in elke bil een prik, weer buiten.
Dag 2
Omdat de apotheek in Termoli maar voor drie dagen ampullen had, ga ik eerst even langs onze eigen apotheek in het dorp. Ik laat de schermafdruk zien en vraag om nog drie dagen medicijn.
De apotheker kijkt mij verschrikt aan en roept dat dat absoluut niet kan. Dat is illegaal! Ik moet een recept hebben. Van een echte dokter!
Door naar de Guardia Medica dan maar.
De dame die de deur opendoet ziet er ervaren uit. Ik vraag of ze mij twee prikken kan geven. Ze stelt verder geen vragen. Ze pakt een grote spuit uit de kast, mengt alle ingrediënten en prikt alles in één keer in mijn bil.
“Oh, en kunt u misschien een recept uitschrijven voor nog drie dagen prikken?” Geen probleem. Ze scheurt een A4’tje doormidden, schrijft op de blanco achterkant wat ik nodig heb, stempel erbij en met een recept en een zere bil sta ik weer buiten.
Dag 3
Ik bel aan bij de post. Een meisje doet open. Ik vraag of er een dokter is die mij kan helpen. Zij is de dokter.
We gaan zitten. Zij achter het bureautje en ik aan de andere kant van de tafel. Ze stelt veel vragen en ik vertel. Vanaf mijn eerste kuchje tot en met het complete ziekenhuisverhaal. Ze schrijft alles op.
Dan bestudeert ze de doosjes met medicijn en zoekt iets op haar telefoon. Vervolgens doet ze tien minuten over het vullen van de eerste injectie. Waar de eerste dokter twee keer tegen de ampul tikt, rammelt zij achtentachtig keer tegen het glas. Haar vingers trillen een beetje. Dit gaat lang duren.
Met haar wijsvinger trekt ze een lijn op mijn billen. En daar, ergens waar het kruispunt moet zijn, steekt ze de naald in mijn linkerbil.
Het proces begint opnieuw. Vloeistof mengen, tikken, spuit vullen, lijnen trekken. Maar mijn rechterbil is anders. Ze prikt in mijn huid, maar die geeft niet mee. Nog een keertje dan maar. De naald gaat niet naar binnen. Bij de derde poging roep ik: “Forza,” maar het helpt niet.
Ik wil haar aanraden een aanloopje vanaf de deur te nemen. Maar gelukkig is het de vierde keer raak.
Ik vraag of ze er morgen weer is en ze bevestigt dat ze morgen vroege dienst heeft.
Thuis heb ik spierpijn.
Dag 4
Als ik zeker weet dat de vroege dienst naar huis is, ga ik weer naar het ziekenhuis. En weer doet een hele jonge dame de deur open. Ze is leuk, we kletsen, ze blijkt net afgestudeerd en 27 jaar. Haar ouders zijn trots op haar. En ze kan goed prikken!
Dag 5 en dag 6
De dokter van dag 1 is er en ik vraag meteen even naar zijn rooster voor morgen.
Hij vraagt of de prikken hebben geholpen en ik kan bevestigen dat ik me stukken beter voel.